Einde bijna honderd jaar Modder marktstallen

06/01/2026

Johan Modder en Jannetje vd Velden.

Dinsdag 6 januari 2026 is een gedenkwaardige marktdag voor Purmerend. De ‘mannen van Modder’ zijn gestopt. Paul heeft een andere baan en Erik, altijd herkenbaar in zijn korte broek, neemt de functie van marktmeester over. Firma Modder, een echt Purmerends familiebedrijf, heeft net de honderd niet gehaald en daarmee de titel hofleverancier op een haar na gemist. Paul en Erik kunnen er echter niet om treuren, nemen afscheid van een mooie tijd en gaan opgewekt een nieuwe tijd tegemoet.  

Het is dit jaar een eeuw geleden dat Johan Frederik Modder van Schermerhorn naar Purmerend komt. In december 1926 koopt hij het koffiehuis annex melksalon van C. Bakxs aan de Nieuwstraat 13, naast het café van Tante Ma. Na het overlijden van echtgenote Dieuwertje Winkel stapt Johan in 1932 in het huwelijksbootje met Jannetje van der Velden.                                             

Vader en zoon.

Pakhuizen
Met de overname van het koffiehuis wordt Johan meteen ook eigenaar van vijf marktkramen. Samen met Barend Cruijff van de Goedkope Bazaar aan de Westerstraat 91, die ook vijf marktkramen heeft, verzorgt hij de markt op het schoolplein. De stallen liggen opgestapeld in het steegje achter het koffiehuis en ’s winters is het een hele klus om de houten schragen onder de sneeuw vandaan te trekken. Later komen er pakhuizen in de Westersteeg en ook de loods van Aard Aarse in de Barak wordt gebruikt. In 1951 is er het jubileum van 25 jaar stallenbaas en in datzelfde jaar krijgt Modder een toewijzing van de gemeente om stallen te plaatsen in de Hoogstraat. Later moeten deze stallen weer verdwijnen vanwege de moderne luifels boven de winkels. Modder is ook schilder en een bijzondere opdracht is het opnieuw vergulden van het schip (windwijzer) op het oude stadhuis. In 1961 krijgt hij problemen met zijn gezondheid en moet noodgedwongen stoppen met het zware werk dat komt kijken bij de verhuur van marktkramen.                     

Met de handkar.

Handkar
Zoon Harry, machinist op de walvisvaarder Willem Barentsz, houdt het varen voor gezien en neemt de zaak over. Vader en moeder Modder gaan op familiebezoek naar Amerika en Harry en echtgenote Gerrie nemen zolang hun intrek in de ouderlijke woning in de Hazepolder. Harry heeft al een eigen huis in de Zuidoostbeemster gekocht, maar bij terugkomst van de ouders zitten net de eerste heipalen in de grond. Het wordt dus een poosje inwonen. Het bedrijf beschikt dan over ruim honderd kramen en de handkar wordt ingeruild voor een tractor. Harry krijgt meteen al te maken met een heuse revolutie op de markt

Opstand
Vader heeft de prijzen vele jaren hetzelfde gelaten en Harry moet deze wel aanpassen om te kunnen blijven bestaan. De marktlieden denken er echter anders over en komen in opstand. Het ministerie van economische zaken bemoeit zich er mee en uiteindelijk keert de rust weer terug. Jan Dinkla heeft later ook 12 kramen en opslag in het pandje van de ‘D Hey op de hoek van de Nieuwstraat/Schoolplein. Als Dinkla ziek wordt, vraagt hij Harry om ook zijn stallen te verzorgen. Dat is een hele puzzel en na een paar maanden neemt Harry de hele handel over. De karren worden echter zo zwaar dat op een dag een kar met stallen en al door de vloer van het pand zakt.

Arie Hollenberg.

Veel geld
Als de Boterhal aan de Nieuwstraat beschikbaar komt, is dat een ideale plek vlakbij de markt en vooral vanwege de grote hoogte, zodat bij slecht weer de zeilen kunnen drogen. Daarna wordt onderdak gevonden aan de Bierkade, maar voor onderhoud aan de stallen ontbreekt de ruimte. Van een biljartmaat in café De Roemer (Wisman) hoort Harry dat de loods van Tijburg aan de Beemsterburgwal vrij komt en hij koopt het pand. Er moeten ook ijzeren stallen komen, maar dat kost veel geld en hij heeft al een extra baan bij Mazurel Elektra om de boterhammen belegd te houden. Echtgenote Gerrie doet de boekhouding en na veel dubben, gecijfer en overleg stapt Harry naar Theo van der Linden. Advies van Theo is ‘je weet waar alles staat, ga je gang’. Op de Gedempte Singelgracht worden honderden lengten ijzer op maat gezaagd en gelast en daarna gaan de staanders en binten naar verzinkerij Vis in Amsterdam-Noord.

Wormerplein.

Lappendag
Tot eind jaren ‘70 worden de kramen op maandagavond opgezet, maar het komt steeds vaker voor dat ’s nachts de telefoon rinkelt en Gerrie (de kunstfluiter) vanuit het café aan de Neckerdijk meedeelt dat de stallen zijn omgegooid of de zeilen zijn stuk gesneden. Als alles weer eens omlegt, van de Kippenmarkt tot de Kolkstraat, vindt Harry het welletjes en besluit de stallen voortaan ’s ochtends tussen vier en zeven uur op te zetten. De kramen voor Hoorn en Alkmaar worden vervoerd per oplegger van transportbedrijf Prins, die op het Schoolplein door Harry en zijn personeel zelf worden geladen en gelost. In 1992 wordt het pand van Beerenpoot aan de Nieuwstraat aangekocht. Lappendag is altijd iets speciaals en de markten op het Wormerplein, Gildeplein en Meerland komen erbij. Voor braderieën zijn speciale stallen nodig en die maakt Harry zelf. Net als de voorzieningen aan de normale stallen, die op verzoek van de kooplieden langer en breder moeten worden. 

Trots
In 2002, na bijna vijfenveertig jaar vinden Harry en Gerrie het wel genoeg en nemen zoons Erik en Paul, die al in het bedrijf werken, de zaak over. Op 4 februari 2023 overlijdt Harry en staat er een rouwstal op de markt. Bijna een kwart eeuw zetten Paul en Erik de zaak voort en door keihard werken, in weer en wind, heeft de familie Modder een prachtig bedrijf opgebouwd. Honderd jaar om trots op te zijn.

Westerstraat.

Nieuwstraat.

 

 

 

 

 

 

 

——————————————————————————————————

Nieuwstraat.

Rouwstal Harry Modder.

 

 

 

 

 

 

 

Wilt u op de hoogte blijven van al het nieuws in Weidevenne, Kop West, Centrum en Beemster,
schrijf u dan in voor de nieuwsbrief.

 

 

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *